Ga eens op zoek naar de vele verschillende planten in onze gemeente, kruiden die er van nature voorkomen. Je hoeft alleen maar te kijken in de bermen langs de wegen, in de bossen, aan de akkerranden en zelfs tussen de straat- en stoepstenen. Elke plant is interessant; onkruid is maar een verzonnen woord. Als jij je er een beetje in verdiept, dan gaan die Beekse planten nóg meer leven. Zelfs in de winter is er nog heel wat te beleven in de natuur.

door Kees van Kemenade

Bij een wandeling door het Stuk, tussen de weg naar Middelbeers en Haghorst, tref ik tussen de bomen een groot groen rozet aan. Vingerhoedskruid, zo bekend dat zelfs de Latijn-wetenschappelijke naam bekend is: Digitalis purpurea. In de vroege zomer bloeit hij met de prachtigste bloemen van het bos, maar nu zie je alleen de groene, licht behaarde bladeren. Vingerhoedskruid is namelijk een tweejarige plant. Het eerste jaar vormt hij een rozet, het tweede jaar komt de bloemstengel tevoorschijn met die prachtige op vingerhoedjes gelijkende bloemen. Hij houdt van bosgrond, niet te droog met flink wat humus. Een beetje zon, maar ook schaduw, dan is hij helemaal blij. De kou van het seizoen deert hem totaal niet.

Digitalis is een van de heksenkruiden, want hij is giftig. Heksen gebruikten het voor hun heksenzalf, waarmee ze na gebruik het idee kregen dat ze konden vliegen naar hun duivelse minnaar. Het gif kan dodelijk zijn, maar een beetje gif is soms ook een medicijn. Dat wisten kruidenvrouwtjes al lang, maar in de achttiende eeuw ontdekte dokter William Withering dat aftreksels van de plant invloed hadden op de hartslag. Hij had een mengsel van zo’n kruidenvrouwtje eens goed bestudeerd. Nu worden de glycosiden uit vingerhoedskruid gebruikt in de farmaceutische industrie als middel tegen hartfalen. Dus toch maar opletten als je van de zomer een plant en de bloemen bewondert. Daarna je handen goed wassen!