Dat is nou eenmaal het noodlot van schrijvers. Ooit zijn ze beroemd en leest iedereen hun boeken, maar dan zinken ze weg in de vergetelheid. Zo ook met Godfried Bomans, die behalve een bekende auteur ook nog een televisiepersoonlijkheid was, toen er nog maar één net bestond, waar iedereen naar keek. Hij was welbespraakt en had een groot gevoel voor intellectuele humor. Slechts eenmaal was hij te gast in Hilvarenbeek, reden genoeg om in de wijk Molenakkers een laan naar hem te benoemen.
door Kees van Kemenade
Hilvarenbeek werd in de jaren na de wereldoorlog befaamd op cultureel gebied, door het organiseren van de Groot-Kempische Cultuurdagen. Van 1947, totdat zij een zachte dood stierven in 1971, kwamen hier kunstenaars, intellectuelen en politici van weerszijden van de grens bijeen om te luisteren naar lezingen, te genieten van opvoeringen, te eten en vooral ook te drinken. De genodigden werden ondergebracht bij particulieren. Drijvende krachten achter de Groot-Kempische Cultuurdagen waren de schrijver en onderwijzer Jan Naaijkens en burgemeester Meuwese. Daarbij ondersteund door tal van mensen van formaat, zoals P.C. de Brouwer en Anton van Duinkerken. Vanwege zijn verdiensten siert van Van Duinkerken nog een bronzen buste de Vrijthof. In 1952 werd ook de Haarlemse schrijver Godfried Bomans uitgenodigd op de Groot-Kempische Cultuurdagen, om een eredoctoraat van de informele Pickwick Club in ontvangst te nemen. Bomans was volgens gastheer Jan Naaijkens een echte Hollander die zich tijdens die dagen hier, bij het Brabantse en Vlaamse publiek, niet echt thuis voelde. Hij zou ook nooit meer terugkomen. Zijn latere beroemdheid zorgde er later toch wel voor dat hij begin jaren zeventig een heuse laan naar zich vernoemd kreeg.
Vergeten schrijver?
Bomans was een veelschrijver; een groot aantal van zijn columns zijn ooit gebundeld. Erik of het klein insectenboek is zijn bekendste roman. Het volledige werk van Charles Dickens vertaalde hij in het Nederlands voor de populaire prisma pocketboeken. Die werken zijn nog wel te koop, nieuw of antiquarisch. Dat is natuurlijk het lot van veel auteurs: ooit zijn ze beroemd en ligt hun naam op ieders lippen, maar enkele jaren later zijn ze in de vergetelheid weggezakt. Om dat te voorkomen hebben de bewonderaars na zijn dood in 1971 het Godfried Bomans Genootschap opgericht. Via de bibliotheek zijn vrijwel alle boeken voor lezing te bestellen. Wil je kennis maken met zijn fijnzinnige ironie, lees dan eens de verhalenbundel Kopstukken. Houd je meer van zijn romantische inslag zoek dan eens naar zijn sprookjesboeken. Hieronder lees je een samenvatting van mijn lievelingssprookje van Bomans, De Rijke Bramenplukker. Ik zou deze samenvatting maar niet lezen, als je van plan bent om het echte verhaal op te zoeken, in boekvorm of op het net, want dan mis je de verrassende ontwikkeling in het verhaal. Het gaat over een man die zich gelukkig voelt in zijn groene omgeving.
De Rijke Bramenplukker
Midden in het bos leefde een bramenplukker in een eenvoudig huisje. Op een dag kwam een reiziger voorbij en maakte een praatje. De bramenplukker verzekerde hem dat hij ook een paleis bezat, met zuilengalerijen, spiegels, mozaïeken en overal muziek. Op de grond in zijn tuinen wemelde het van de parels. De reiziger vertrok haastig naar zijn stad en mobiliseerde de bevolking om al die schatten in bezit te nemen. Maar toen de mensen aankwamen op de plek waar de bramenplukker woonde bleken de zuilengalerijen gewoon lanen te zijn, de spiegels waren vijvers en de muziek kwam van de vogels. En de parels? Dauwdruppels in de morgen! De mensen voelden zich opgelicht en namen wraak op de arme bramenplukker, die rijk was in de natuur. Ze hingen hem op onder de boom waar hij altijd luisterde naar de nachtegaal.
