door Jan van Helvoirt
Hendrikus Franciscus de Leijer kocht in Hilvarenbeek aan de Wouwerstraat op 22 april 1914 ’s avonds om zeven uur een bestaande bierbrouwerij met complete inventaris. Hij deed dit overigens samen met zijn broer Josephus Laurentius de Leijer. Tot de boedelinventaris van de brouwerij behoorden onder andere vijf honderd heele flesschen. Die droegen geen volledige naam, doch slechts de initialen F.A.S. (Franciscus Adrianus Swinkels). Een doorlopende Beekse geschiedenis van grootgrondbezitters, bierbrouwers, schouten, jonkvrouwen, burgemeesters, secretarissen, schepenen, borgemeesters, drossaards en notarissen bleek zich vanuit het rijke Beekse archief op het RAT (Regionaal Archief Tilburg) te openbaren. Een pand dat zo mooi, doeltreffend, functioneel en operationeel gerestaureerd is aan de oudste kant van de Vrijthof, is nu haast verplicht analoog aan zijn exploitatie zijn historische geheimen prijs te geven. Vermoedelijk werd de naam ‘De Roos’ door Frans Swinkels in 1908 ingevoerd. De huidige brouwerij ten slotte werd gebouwd en ingericht door Joseph Majoie in 1877. Maar hoe zat het met de allereerst bekende bewoners? Het tweede gedeelte van de zestiende eeuw was niet ‘erg rooskleurig’ voor Hilvarenbeek en haar inwoners. Honger, pest, misoogsten door slecht weer en algehele armoede lieten een spoor van ellende achter in Beek.
Rondtrekkende stropende soldaten maakten het alleen maar erger. Vele branden werden door die onverlaten aangestoken. Boeren bewerkten hun land niet meer waardoor de prijzen van de granen enorm stegen. Een eerste aanblik van Beek was in die tijd ronduit triest. De kerk lag in puin en Groenendaal, de Dekanij en de school lagen in as. Op 27 juli 1540 had een alles verslindende brand Beek in vuur en vlam gezet. Door de langdurige droogte stonden beken en putten droog en bleek blussen onmogelijk te zijn. Jaren later begon men aan het Marktveld steeds meer stenen huizen te bouwen. In 1587 kocht Jan Nijss van Arendonk, een zoon van Dionijs Janssen van Arendonck en gehuwd met Heylwich Cornelis Moonen teijnden de Peerdtstraet, de desolate huisplaats van de latere De Roos. Een opgesteld inspectierapport liet weinig goeds zien: hebbende aldaer zekeren steen ende diverse mueren met enen borneput sien staen, die welcke metten regen hoe langer hoe meer vergaen ende eenige mueren noch metter beecken vuytloopen, zoe zij verclaerden, verdunct noodich ende oirbaer te zyn om die voirschreven hofstadt te betimmeren ende den steen ende mueren int droege te helpen ende daerinne van alles te versien, hoe eer zoe beter.
Jan Denys Jansen van Arendonk, seynde schreynwerker, had de huisplaats gekocht van Henrick Henrick Willemsen. Die was getrouwd geweest met Kathelijne, dochter van wijlen Jan Laureys Sgreven, die het schoutambt van Hilvarenbeek had uitgeoefend, en Anna Jans van de Wouwer. En Kathelijne was eerder getrouwd met Cornelis Jan Schilders, die in 1581 was overleden. Hij was een zoon van de Beekse schout Jan Schilders en jonkvrouw Marie van Huyquesloot was zijn moeder. Schilders woonde overigens als herbergier en dorpsbestuurder in de Swaen.
Kathelijne of Lyntken erfde via haar moeder Anna ‘ons huis’ aan de Wouwerstraat van Wouter Ghyb Metten alias Back. Deze Wouter liet zich als 40-jarige als student aan de universiteit van Leuven inschrijven. Op 27 juni 1548 werd hij de eigenaar. Hij stierf in 1551 kinderloos en was niet gehuwd. Misschien was zijn vader de oudst bekende bewoner van Vrijthof 20. Dat was Ghijselbrecht Wouter Metten alias Back de Beec, die met Dierxken Jacob Bressers van Lyemde alias Schellekens uit de Rode Leeuw (voorheen Rabobank) was getrouwd. Na zijn studie bleef hij in Beek wonen en was daar onder andere schepen. Toen de eerder genoemde meubelmaker Jan van Arendonk het onroerend goed kocht, werd het als volgt beschreven: enen hofstadt metten hoeve grond ende toebehoirten metten erffenisse daeraen liggende ende daertoebehorende gelegen tot Beeck byde plaetse aldaer tusschen erffenisse der weduwe wijlen Jan van Eycken oistwaert ende tusschen erffenisse Henrick Spiltack, Claes Willem Rijsbosch ende de Wouwerstraete westwaert, streckende voorts aen de voorscreven plaetse ende een gemeyn ackerstrate. Nu we de oudste geschiedenis van dit fraaie pand aan de Noorderbeek ruimschoots hebben belicht, zijn we uiteraard ook erg benieuwd naar de nabije toekomst… achter in de tuin!
