Dat Hilvarenbeek een mooie gemeente is en je er met veel plezier kunt wonen, dat weet iedereen. Maar hoe mooi en interessant dat zie je pas als je op ontdekkingstocht gaat. Bij voorkeur te voet, want dan ervaar je alles veel beter dan op de fiets of in de auto. Vandaag gaat de tocht over de beide oevers van het Wilhelminakanaal, dus een natuurwandeling langs het water. We maken gebruik van het netwerk aan knoppunten dat heel onze gemeente bestrijkt. Startpunt is knooppunt nummer 22, bij de brug aan de weg van Biest-Houtakker naar Moergestel en dan verder in de richting van nummer 21.
door Kees van Kemenade
In 1923 werd het Wilhelminakanaal officieel geopend. Het was genoemd naar onze vorstin, die toen net haar zilveren regeringsjubileum vierde. De waterweg werd hier gedeeltelijk gegraven en deels opgeworpen en dat levert de beide kanaaldijken op, waarover onze tocht gaat. Te beginnen bij de fraaie ophaalbrug, een prachtige constructie waarbij het gewicht van het brugdek bijna in evenwicht is met een tegengewicht. Kost zo weinig energie om hem te openen. Nu gebeurt dat op afstand, vroeger deed dat een brugwachter. Het is rustig op het Wilhelminakanaal, af en toe en vrachtschip en een paar pleziervaartuigen in het seizoen. Maar wel tal van watervogels: meerkoeten scharrelen wat rond en af en toe komt er een aalscholver over. Meeuwen hebben deze omgeving al lang geleden ontdekt. Biest-Houtakker heeft een haven en het café heette ooit Havenzicht. Maar de paar aanlegpunten worden niet veel gebruikt; een pleziervaartuig in de zomer.
Uitzicht
Het eerste deel van de tocht gaat over, hoe origineel, een zangfietspad. Je wordt hier aangemoedigd om mee te zingen. Bankjes en tafels zijn er genoeg en op eentje staat het lied van Biest-Houtakker, althans de eerste vier regels:
Jao de Biest mun dörpke
Ut lèève is er zô fèèn
Ik zou oe nôôjt wille misse
Ôk al zedde mar klèèn
Het is van de hand van Theo de Graaf. Alleen, … meezingen gaat alleen als je de wijs kent. En, … tja. De oevers van het kanaal zijn hoog en dat geeft een mooi uitzicht. Natuurlijk, het is een bijna kaarsrechte weg en dat lijkt saai. Maar als je om je heen kijkt zie je heel wat. Een grote zilverreiger die op een prooi loert; een troep luidruchtige grauwe ganzen die een grasland gebruiken om te foerageren. In de verte de spitse toren van Diessen. Een zandweg vanuit de Biest loopt dood op het kanaal. Het is de oude Bosscheweg, de grote verbindingsweg naar ’s-Hertogenbosch. Toen het Wilhelminakanaal werd gegraven, verloor deze weg haar functie. Aan de andere kant loopt de de weg verder, maar wordt nauwelijks gebruikt.
Haven voor de binnenvaart
Natuur is hier in overvloed. In de eerste plaats het kanaal zelf met vooral veel Europese eiken en wat berken en elzen. Daartussen braamstruiken en brede velden met gras en kruiden. We kijken uit over het Diessens Broek, een van de mooiste vogelgebieden van onze provincie. We passeren de Holenakker brug, nog zo’n mooi ophaalbrug en komen dan in het gebied van twee beken, het Spruitenstroompje en de Reuzel. Met een sifon gaan ze onder de waterweg door, om aan de andere oever weer rustig verder te stromen. Haghorst heeft ook een haven en die wordt wel druk gebruikt. Zand en grint kun je beter vervoeren met een binnenvaartschip dan met een vrachtwagen. Dus is hier het Wilhelminakanaal verantwoordelijk voor industriële werkzaamheden op het gebied van beton. In het dorp houden wij even pauze, om dan straks weer terug te wandelen, maar via de andere, de noordelijke, oever.
In een uur en een kwartier loop je van Biest-Houtakker naar Haghorst als je deze knooppunten volgt: 22 – 21 – 31 – 62 - 59.
