Hier in onze gemeente zijn we gezegend met heel veel natuur. Met planten en bomen, maar ook met zoogdieren, reptielen, amfibieën, vissen , vogels, spinnen en insecten en dan kruipen er in de bodem nog tal van andere organismen. Laten we daarom maar eens op zoek gaan naar al wat wij de Beekse fauna noemen. Iedere soort heeft zijn eigen verhaal. Ieder seizoen zijn eigen bijzonderheden. Op pad dus voor een ontdekkingstocht naar alles wat loopt, vliegt, kruipt of zwemt. Een dier dat je helaas vooral ziet als het dood, platgereden, op de weg ligt is de egel.

door Kees van Kemenade

fotografie door Ans van Dal

Voor zijn verdediging tegen de vos of een roofvogel rekent de egel op zijn stekeltjes en op de grote spier van rug tot staart waarmee hij zich bliksemsnel kan oprollen tot een bal. Dat helpt misschien wel tegen roofdieren, maar niet tegen het aanstormende verkeer. Helaas!

Ondanks de vele doden is het geen bedreigd dier, al zouden wij heel wat kunnen doen om het leven voor de egel plezieriger te maken. Hij voelt zich namelijk heel wel bij de menselijke omgeving, beter dan in een dennenbos, waar hij niks te eten vindt. Maar in onze tuinen, als ze tenminste een beetje wild zijn, zitten genoeg regenwormen, slakken, torren, rupsen en andere insecten. Daar leeft hij van. Je tuin moet ook niet helemaal ommuurd zijn, want een egeltje is misschien wel solitair, maar tijdens de paartijd moet hij toch op zoek naar een vrouwtje.

Deze dieren worden pas tijdens de avond actief. Soms zie ik ze dan het gazon oversteken. Voorop de moeder, de enige die voor de jongen zorgt, met de jongen erachter in kop-staart formatie. Nog vaker hoor ik ze alleen ritselen en geluiden maken tussen de struiken. Die enkele keren dat ik er eentje echt zie en kan aanraken, is als hij sterk verzwakt is. Een groot aantal teken op zijn lijf zuigt de energie uit het beestje. Dat is een aandoenlijk gezicht, voor dat beestje met zijn kleine niet echt goed werkende oogjes zijn uitstekend werkende spitse neus. Een egel-opvangplek, die zijn er, kan hem dan nog helpen.

Ben je iemand die zijn tuin helemaal opgeruimd wil hebben, als de winter aanbreekt, vergeet de egel dan maar. Hij houdt een winterslaap in een hoop bladeren, waarin hij een gang en overwinteringsruimte aanlegt. Daarmee begint hij als de temperatuur zakt tot onder de 10 graden. Die hopen bladeren moeten dus na de herfst blijven liggen. Tijdens de winterslaap zakt de hartslag van 190 naar 20 per minuut, de temperatuur naar 10 graden en de ademhaling naar eenmaal per twee tot drie minuten. Voorafgaand aan deze periode heeft hij zich flink volgegeten en de vetlaag moet hem helpen de koude winter door te komen. In het voorjaar ontwaakt de egel weer, uitgerust maar hongerig.

Oh ja, wil je ze helpen met eten? Nooit melk, daar worden ze ziek van. Kattenbrokjes is een goed alternatief.