Hier in onze gemeente zijn we gezegend met heel veel natuur. Met planten en bomen, maar ook met zoogdieren, reptielen, amfibieën, vissen, vogels, spinnen en insecten en dan kruipen er in de bodem nog tal van andere organismen. Laten we daarom maar eens op zoek gaan naar al wat wij de Beekse fauna noemen. Iedere soort heeft zijn eigen verhaal. Ieder seizoen zijn eigen bijzonderheden. Op pad dus voor een ontdekkingstocht naar alles wat loopt, vliegt, kruipt of zwemt. Een kever bijvoorbeeld waarvan sommige soorten heel schadelijk zijn.
door Kees van Kemenade
fotografie door Ans van Dal
Er zijn duizenden verschillende boktorren, waarvan er zo’n honderd hier voorkomen. Twee daarvan zie je op de foto’s: de kleine wespenboktor en de grote populierenboktor. Iedere soort van deze kevers heeft zich gespecialiseerd en is voor het voortbestaan afhankelijk van een bepaalde boom, of bomen, en van een plant. Als je er eentje treft, dan vallen in ieder geval zijn belangrijkste zintuig op: de enorme voelsprieten, bijna net zo lang als het beestje zelf. Het lijf is steeds langwerpig en de poten zijn sprieterig. Je hebt ze van heel klein, minder dan een halve centimeter tot heel groot, zo’n vijftien centimeter. Sommige boktorren hebben fraaie kleuren, anderen vallen nauwelijks op.
De wespenboktor heeft de kleuren van een wesp en dat doet hij als beveiliging. Een vogel pakt niet zomaar een wesp, en als je daar een beetje op lijkt, dan kan hij je misschien wel negeren. We noemen dat kunstje mimicry.
Een aantal soorten is schadelijk, zoals de populierenboktor. De volwassen kevers eten stuifmeel of bladeren, maar als de vrouwtjes hun eieren afzetten in de schors dan komen daar larven uit. Die eten eerst van de schors en in de vele jaren dat ze in de stam leven, eten ze steeds meer van het hout en van de sappen. Zo erg dat de boom, in dit geval de populier er dood aan kan gaan. Tegen de tijd dat je het merkt is de boom al verloren. Van buiten zie je kleine openingen, waar de jonge boktorren zijn uitgevlogen, maar het verwoestende werk is onzichtbaar. Andere boktorren eten naaldhout , beuk, eik of ander loofhout. Het ergste is dat zij niet alleen levend hout lusten, maar ook kunnen knagen aan dood hout. Als je dus boktor in de balken van je dak hebt, dan ben je nog niet jarig. Het is met gifgas op te lossen, maar dat is heel omslachtig. Er zijn ook boktorren die leven van rottend hout, zoals de grote wespenboktor van de foto. Dus afgevallen takken of boom stompen van beuken zijn de voedselbron en daarmee richt hij geen kwaad aan. Er zijn er ook die leven op distels en op rietstengels en ook daar ziet de mens geen kwaad in.
