Hier in onze gemeente zijn we gezegend met heel veel natuur. Met planten en bomen, maar ook met zoogdieren, reptielen, amfibieën, vissen , vogels, spinnen en insecten en dan kruipen er in de bodem nog tal van andere organismen. Laten we daarom maar eens op zoek gaan naar al wat wij de Beekse fauna noemen. Iedere soort heeft zijn eigen verhaal. Ieder seizoen zijn eigen bijzonderheden. Op pad dus voor een ontdekkingstocht naar alles wat loopt, vliegt, kruipt of zwemt. Deze keer een zoogdier dat je zelden ziet, maar waarvan de sporen altijd zichtbaar zijn.

door Kees van Kemenade, fotografie door Ans van Dal

Laatst zag ik er eentje door het gras kruipen: een mol die zich bovengronds had gewaagd. Echt een waagstuk voor hem, want hij is een gewilde prooi voor een reiger, een vos, of een buizerd, om maar een paar vijanden te noemen. Een jonge mol, op zoek naar een veilig territorium misschien, om daar een ondergrondse rit en gang te graven? Maar wat is het toch een fabelachtig mooi beestje! In de eerste plaats natuurlijk de machtige graafhanden, met vijf vingers en een duim. De zeer gevoelige spitse snuit, de fluwelen vacht.

Met de haartjes is ook nog iets bijzonders; ze kunnen in de wortel alle kanten op bewegen en daarmee kan hij in zijn mollenrit makkelijk zowel voor- als achterwaarts bewegen. De oogjes van mijn mol waren nauwelijks te zien, maar ze zijn er wel. Zo blind als een mol, zeggen ze wel eens, maar daar klopt niks van. Ze zitten wat verborgen en kunnen vooral onderscheid maken tussen donker – veiligheid - en licht - gevaar - .

Aandoenlijk beestje

Ondergronds heeft hij niks te duchten, behalve als de mens hem als een plaag ziet. Ik begrijp ook wel dat als je een mooi gazon hebt, dat je dan niet op een molshoop zit te wachten. Het overtollige zand dat deze graver bekwaam naar oppervlak brengt. De meest gebruikelijke bestrijding is met klemmen en dat betekent de dood voor dit aandoenlijke beestje.

Wat doet die mol onder de grond? In de eerste plaats eten: veel regenwormen, engerlingen en maden, duizendpoten en slakken, kortom alles wat je in de bovenste aardlaag kunt aantreffen. In de tweede plaats plant de mol zich daar voort. Dat doet dit dier een in een diepe kraamkamer, wel een meter onder de grond, die met allerlei materiaal mooi zacht is gemaakt. Na de bevruchting is de rol van het mannetje uitgespeeld en hij trekt zich weer terug in zijn eenzaamheid. De vrouwtjesmol speent de drie tot zes jongen en verzorgt ze tot zij op eigen benen kunnen staan en kruipen. Die jonge mollen gaan dan op pad voor hun eigen plekje.

In onze taal komen we de mol tegen als het om geheimzinnigheid gaat. Een mol in een bedrijf of een organisatie is een spion die achter gegevens wil komen en alle moeite doet om maar niet ontdekt te worden. In zover lijkt hij een beetje op dit beestje hier aan mijn voeten.