Hier in onze gemeente zijn we gezegend met heel veel natuur. Met planten en bomen, maar ook met zoogdieren, reptielen, amfibieën, vissen , vogels, spinnen en insecten en dan kruipen er in de bodem nog tal van andere organismen. Laten we daarom maar eens op zoek gaan naar al wat wij de Beekse fauna noemen. Iedere soort heeft zijn eigen verhaal. Ieder seizoen zijn eigen bijzonderheden. Op pad dus voor een ontdekkingstocht naar alles wat loopt, vliegt, kruipt of zwemt. Deze keer een uitstapje naar de wereld van de insecten en eentje die je heel vaak ziet. Want het is de vlinder die hier het meeste voorkomt en die je tot laat in de herfst kunt waarnemen..

door Kees van Kemenade, fotografie Ans van Dal

Ik ben ook niet zo wild van brandnetels in de tuin en trek ze het liefst met wortel en al uit de grond. Maar dan doe ik onze bekendste vlinder, de atalanta, wel een beetje te kort. Brandnetels zijn de waardplanten voor deze vlindersoort, zonder de bladeren kunnen zij niet bestaan. De vrouwtjes leggen de eieren op het blad van een brandnetel, de rupsen die daaruit komen zoeken een geschikt blad en vouwen dat dicht met gebruik van een klier die spinseldraden afscheidt. Zou je een rups willen bekijken, dan moet je zo’n blad openvouwen. Het rupsje is zwart met doornen en witte vlkejes. In het dichtgevouwen blad ontwikkelen zij zich en elke keer dat ze gegroeid zijn en uit het velletje klappen, dan zoeken ze weer een nieuw blad. Ze vreten dus mijn vervelende brandnetels op. Tenslotte spinnen zij zich helemaal in tot pop en komen dan als een vlinder, wanneer het warm genoeg is, tevoorschijn.

Lange roltong

Vlinders zijn koudbloedig en hebben dus zonnestralen nodig om actief te worden. Dan gaan ze op zoek naar voedsel om zich te kunnen voortplanten. Dat is voornamelijk nectar van bloemen, maar ook rottend fruit en zelfs meeldauw van bladluizen. Met een lange roltong halen ze hun eten naar binnen. Die energie hebben ze ook nodig voor de trek, want het zijn ook trekvlinders. Hier in Hilvarenbeek kan een atalanta niet overwinteren en dus laat hij zich in het najaar meevoeren op bij voorkeur noordenwind naar het zuiden, waar het lekker warm is. Atalanta’s zijn solitair en hebben een eigen territorium. Indringers worden verjaagd. Alleen als er heel veel voedsel is kun je wel eens groepen aantreffen.

De naam is afgeleid van een verhaal uit de Griekse mythologie. Atalante was een prinses die door haar vader in het bos werd achtergelaten uit boosheid dat ze geen jongen was. Ze werd opgenomen door een berin die haar jong had verloren. De beer stierf door de pijlen van een jager, maar die ontdekte toen het meisje. Hij adopteerde haar en maakte van Atalante een trefzekere boogschutter. Ze was daarbij de mannen vaak te snel af bij wedstrijden of in de strijd.