Niets is zo grillig als de natuur en dan met name het weer. De afgelopen zomer maakte ons nog maar eens duidelijk hoe kwetsbaar we met zijn allen zijn als het simpelweg zes weken niet regent en het tegelijk meer dan dertig graden is. Het neerslagtekort bezorgde de boeren drukke werkweken met hun sproeiers en haspels. Maar ook de natuurliefhebbers hadden slechte dagen want met de opdrogende poelen verdween daar ook een belangrijk deel van het dierlijk leven, zoals de vissen. Maar hoe uitzonderlijk was deze periode van droogte nu echt?
door Harrie Wenting
Alle 50-plussers die zich de zomer van 1976 nog herinneren, weten dat dat een vergelijkingsjaar was. Elke boer en boerenzoon - waaronder ikzelf - kent nog de impact van die droogte op de natuur. De weilanden stonden er al vroeg in de zomer verdord bij en de koeien moesten midden in de zomer al aan het wintervoer, omdat er simpelweg geen gras meer in de wei groeide. Er waren toen nog maar weinig boeren met beregening, waardoor de gevolgen extra hard aan kwamen.
Vlekken op de Buienradar
Maar ook in de afgelopen periode werden we vaak blij gemaakt met neerslag die er aan kwam, of liever: eraan zou komen. Grote blauwe en soms rode vlekken op de buienradar en meer dan eens een code geel of oranje. Om er dan de volgende dag achter te komen dat de regenmeter leeg bleef.
Als je dan de volgende dag naar het nieuws kijkt zie je dat de neerslag vaak wel gevallen is, maar vaak op dezelfde plek. Hierdoor ook: vaak op dezelfde plek niet.
Opvallend daarin lijkt de strook over Hulsel en de Mierden, die vaak de regenwolken zuidelijk ofwel noordelijk aan zich voorbij zien trekken. Maar is dat ook zo, of stuurt hier de wens als vader van de gedachte?
Meten en noteren
Gelukkig hebben we ook in deze regio enkele mannen die de nodige kennis hebben opgebouwd doordat ze over een langere tijd de neerslag meten en noteren. Henri Hendriks steekt er daarbij wel bovenuit want in navolging van zijn vader Wim, noteert hij al vanaf 1984 (!!) elke regendruppel die er valt. Zijn vader begon ermee en hij nam het over toen senior het niet meer kon. Het enige wat bij Henri veranderde is de plek waar hij meet, want hij verhuisde van Bladel naar de Mierden en weer terug.
Behalve Hendriks zijn er nog enkele amateurweermannen actief in de regio. De komende tijd gaan we ze raadplegen om het antwoord te vinden: klopt het gevoel dat het op de ene plek substantieel meer regent dan op de andere plek in Brabant?
Bronnen raadplegen
Behalve de eigen bronnen die we hiervoor gaan raadplegen zijn er mogelijk nog meer weermannen (of weerprofeten) die aan deze informatie bij kunnen dragen. Hen roepen we op om via mail te reageren, zodat er in onderling overleg gekeken kan worden hoe de informatie op elkaar aansluit, of tegenspreekt, dat kan natuurlijk ook.
Het mailadres waarmee je kan reageren: hilverbode@gmail.com
